Na dertig jaar weer in de schoolbanken

Na dertig jaar weer in de schoolbanken

Een tekort aan geschikte arbeidskrachten voor de zorg waait vanuit het westen langzaam Oost-Nederland binnen. Daarom slaan partijen op steeds meer plekken de handen ineen, bijvoorbeeld in de vorm van een leerwerktraject voor zij-instromers. Dat vereist wel dat iedereen over z’n eigen schaduw heen stapt: zorgpartijen kijken voorbij hun eigen belang, opleidingen passen hun lesprogramma aan en gemeenten schuiven niet langer eigen kandidaten naar voren. In Hardenberg lukt dat wonderwel.

Vijftien zij-instromers begonnen daar in april 2018 aan een nieuw leerwerktraject in de zorg. Sommigen vanuit de bijstand, anderen vanuit de WW en een enkeling vanuit een aflopende werksituatie. Om de groep binnen twee jaar klaar te stomen voor een baan in de ouderen- of gehandicaptenzorg sloegen UWV, gemeenten en het Hardenbergse Alfa College de handen ineen met vier zorgorganisaties: Carinova, Baalderborg Groep, Beter Thuis Wonen en Saxenburgh Groep. 24 uur per week werken de ‘leerlingen’ bij één van de organisaties; één dag krijgen ze les op het Alfa College.

Zo’n verregaande samenwerking is niet vanzelfsprekend. Zorginstellingen hebben moeite om geschikt personeel te vinden, terwijl werkzoekenden tot voor kort juist moeilijk aan de slag kwamen in de zorg en soms naar Duitsland uitweken. UWV en gemeenten werd verweten weinig voor lokale zorgpartijen te doen, merkte Nicolaas Alfing van Werkgeversservicepunt Regio Zwolle. “Toen hebben we de vraag gesteld: kunnen we een klas samenstellen van zij-instromers? Maar met verschillende CAO’s, onkostenvergoedingen en werkwijzen is dat nog een hele puzzel.”

Best practice 
De bereidheid om er samen uit te komen verraste Alfing. Zorginstellingen bleken bereid voorbij hun eigen belang te kijken en elkaar daarin te vertrouwen. “Men gunt elkaar iets, denkt in mogelijkheden en wil dat het gaat slagen. Zover zijn ze nog niet in elke regio; dit is tot nu toe een Best practice”, aldus de arbeidsprofessional. Maar personeelstekorten zoals in de randstad dreigen hier ook langzamerhand, vreest Nienke Roelofs, P&O-adviseur bij de Saxenburgh Groep. Vooral op verpleegkundig niveau lopen aantallen sollicitanten terug.

“Daarom vind ik dit traject zo mooi”, zegt Nienke. “Samen met andere organisaties heb je een gezamenlijk doel: meer mensen in de zorg. Het beeld bij vooral jongeren is toch ‘ik moet alleen mensen wassen en hard werken’. Dat beeld moet je omkeren. Zorg is zoveel meer dan anderen uit bed helpen. In dit traject neem je mensen mee in een soort beroepsoriëntatie. Ze kunnen verschillende branches zien: gehandicaptenzorg, ouderenzorg… ’t Is inderdaad gepuzzel om met alle partijen op dezelfde spelregels te komen, maar tegelijkertijd ook leuk om te zien hoe andere organisaties werken. Normaal vind je allemaal zelf het wiel uit. Dus buiten het samen werken aan de zorg zijn we ook meer bij elkaar betrokken, in hoe je dingen organiseert.”

Zo zwaar kan het zijn
Cruciaal voor de kans van slagen was een strenge voorselectie. Want de minister kan wel zeggen dat er veel belangstelling is voor werken in de zorg, maar zoeken mensen dan alleen werk of zijn het ook de mensen waar de zorg om zit te springen,vraagt Roelofs zich af. Daarom werd er geen lijst met vacatures opgesteld, maar een werkmarkt georganiseerd. “Wij hebben gezegd: wilt u weten hoe het kan zijn in de zorg, kom dan naar die werkmarkt”, vertelt Nicolaas Alfing. “Daar spraken ze niet met mensen van P&O maar met mensen uit het werkveld. ‘Het is leuk,maar ook zwaar werk’, is dan de eerlijke boodschap.”

Nooit van mijn leven
Eén van diegenen die direct opviel is Inge Offerein uit Avereest. Tot voor kort werkte zij op een pompstation, dat eigenlijk al niet meer zo goed liep. ‘Als je ergens anders werk kan vinden: doen’, werd haar geadviseerd. Inge’s zus had al eens gezegd dat ze een dag mee moest komen lopen, bij haar in de gehandicaptenzorg. “Nooit van mijn leven, was mijn eerste reactie. Maar toen ik me liet overhalen had ik eigenlijk een hele leuke dag. Niet lang daarna was ik op de werkmarkt en toen ging het balletje rollen.”

Het is wel wennen, na dertig jaar weer in de schoolbanken. Vooral omdat de manier van lesgeven veel initiatief vergt van de deelnemer zelf. “We hebben de vraag omgedraaid”, erkent haar docent Gerda Kappert. “In plaats van een traditioneel lesprogramma stellen we de student op de voorgrond: wat is je leervraag? Wat kom je tegen op je werkplek? Wat weet je al, wat nog niet en hoe kunnen we daarbij helpen?” Die methode resulteert alsnog in het gebruikelijke MBO-diploma Niveau 3. Sinds kort is dat een dubbele kwalificering, met de diploma’s Verzorgende IG en Medewerker maatschappelijke zorg.

Lief wichie
Voor Inge zijn het volle weken: een dag op school, veel lesopdrachten én 24 uur per week werken met demente ouderen in Zorghuis De Hartkamp in Raalte. En dat alles bovenop het huishouden thuis. “Het is druk, daar moet je je draai in vinden. Maar soms ben je mensen aan het helpen en raken ze heel even je wang aan: ‘Je bent toch wel ’n lief wichie’. Ja, dan stroom ik wel over. Daar doe je het voor.” Tijdens het tweede jaar van haar opleiding wil Inge graag in de gehandicaptenzorg werken. Pas na dat tweede jaar bepalen de studenten hun keuze voor het type zorg dat ze willen gaan verlenen.

Voor de samenwerkende werkgevers houdt dat een risico in: ze investeren alle vier in dit traject, maar wie zegt dat de studenten straks evenredig verdeeld over die vier hun werkgever kiezen? “Daarom hebben we een overeenkomst met elkaar: alle kosten worden eerlijk verdeeld en aan het einde van het traject, wanneer mensen uitstromen, stellen we definitieve verdeelsleutel vast. Uiteindelijk willen we wel een aantal maanden vóór die uitstroom als instellingen alle vacatures helder hebben en de contractgrootte”, aldus Nienke Roelofs-ter Burg.

Rugzak
Ondertussen profiteert ook het Alfa College van dit samenwerkingstraject. Het gemeenschappelijke doel maakt dat er snel kan worden geschakeld en levert veel nieuwe contacten op. Bovendien leidt Gerda Kappert graag volwassenen op voor de zorg. “Die hebben een rugzak in positieve zin, vol met levenservaring. Onze BOL-leerlingen zijn 16 jaar, die komen net uit het ei. Die gaan mensen van tachtig verzorgen en vinden het soms moeilijk zich in te leven in de zorgvrager. Volwassenen zijn vaak beter in staat om te zeggen: de cliënt staat voorop en ik luister.”

Een vergelijkbaar leerwerktraject is nu ook in Zwolle van start gegaan en de bedoeling is dat meer in de regio zullen volgen. “In Deventer is men ook bezig”, weet Nicolaas Alfing, “maar in sommige regio’s moet het onderlinge vertrouwen nog wat groeien. Ondertussen willen we hier in Hardenberg volgend jaar september een nieuwe lichting van start laten gaan. Binnenkort zitten we met alle zorgpartijen om tafel om te kijken welke werkplekken er gevuld moeten worden, of we daar matches kunnen maken én of men daar de beoogde begeleiding bij kan bieden.”L

Deel dit via:

Contact

Heeft u hulp nodig?
Neem contact met ons op:

038 7001205 stuur een email

Social media

Twitter LinkedIn