‘Echt een baan van de toekomst’

Aan het werk met slimme en groene mobiliteit

‘Echt een baan van de toekomst’

Wat doe je als je signaleert dat je aan de ene kant mensen tekortkomt die zich kunnen richten op de mobiliteitsvraagstukken van de toekomst en aan de andere kant mensen op de bank hebt zitten, die in dat werkveld aan de slag zouden kunnen? Voor de Provincie Overijssel was deze vraag aanleiding om een brede samenwerking te starten rond ‘Smart Mobility’. Het blijkt een echte successtory. Het programma ‘Aan het werk met Slimme en Groene Mobiliteit’ heeft inmiddels drie succesvolle trajecten afgerond en tussen de 40 en 50 kandidaten, met interesse in verkeer en mobiliteit, aan toekomstgericht werk geholpen.

Een van de personen die vanaf het begin bij de ontwikkeling en de uitvoering betrokken is geweest is Erik Wegh. Als opleidingscoördinator is hij verantwoordelijk voor de inhoud van het traject. Naast kennis over verkeerskunde, verkeersorganisatie en smart mobility wordt in de eerste drie maanden intensief gewerkt aan vaardigheden, bijvoorbeeld op het gebied van analyse en advies. Daar is over nagedacht. “Competenties spelen een belangrijke rol omdat het er bij dit onderwerp ook over gaat of je mensen mee krijgt in vernieuwing en transities” legt Wegh uit. Naar die vaardigheden is bij de selectie voor het laatste traject dan ook specifiek gekeken. “Affiniteit met mobiliteit is belangrijk, maar het gaat er ook vooral om wie ze zijn en wat ze vanuit een ander werkveld meebrengen.”

Frisse blik
De eerste twee lichtingen bestonden nog voornamelijk uit mensen met een achtergrond in techniek/ICT. Voor het meest recente traject, waar het deels ook gaat om relatief onontgonnen gebied, was er behoefte aan deelnemers die met een frisse blik naar mobiliteit kijken. Daarvoor is een andere achtergrond juist een voordeel zou je kunnen zeggen. Met Werkgeversservicepunt (WSP) Regio Zwolle als partner konden ze gebruik maken van het (landelijke) netwerk van UWV en gemeenten om op zoek te gaan naar geschikte kandidaten.

“Interesse in het onderwerp en een ijzersterke motivatie waren de belangrijkste criteria”, zegt Karin van Ringen, adviseur WSP Regio Zwolle. Met 15 plekken per traject is het ‘Team Smart Mobility’ een select gezelschap. Om in het traject te starten moeten kandidaten eerst de projectleiders en potentiële werkgevers overtuigen en vervolgens een assessment doorlopen. Van Ringen: “De kandidaten waren voor een groot deel tussen de 40 en 50 jaar, sommigen zelfs ouder. En ook wel mensen die echt een switch maken. Normaal gesproken is het niet altijd even makkelijk om die groep weer aan een baan te helpen, maar ze brengen natuurlijk ook veel ervaring mee. En daar ging het in dit traject ook om.”

Werkervaringsplekken
Alex Smienk van Provincie Overijssel is als teamleider van het programma verantwoordelijk voor de selectieprocedure en afstemming met WSP. Naast zijn inhoudelijke expertise maakte zijn grote netwerk hem tot een zeer waardevolle aanvulling. “Ik kon veel mensen en partners vanuit de overheid en het bedrijfsleven betrekken bij de opleiding en enthousiasmeren voor werkervaringsplekken.” Die laatste spelen een belangrijke rol in het traject. Na drie maanden kunnen de deelnemers daar hun kennis en kunde in de praktijk brengen.
De voordelen van een werkervaringsplek voor de deelnemers zijn duidelijk, maar wat levert zo’n plek een bedrijf eigenlijk op? “Er ligt behoorlijk druk op de arbeidsmarkt”, zegt Smienk, “Voor die partijen is het een mooie kans om, terwijl ze opleidingsdagen verzorgen, deze nieuwe mensen die het werkveld in willen, te leren kennen.

Goede formule
Richard ter Avest beaamt dit. Hij is adviseur bij Goudappel, een landelijk adviesbureau op het gebied van mobiliteit, gedrag en onderzoek, én docent en begeleider tijdens alle drie trajecten. “Omdat het mobiliteitsvraagstuk op steeds meer plekken actief en in de volle breedte wordt opgepakt, zijn er mensen nodig.” Hij is van mening dat het programma dankzij de samenwerking met WSP en de Provincie Overijssel een goede formule te pakken heeft.

Wegh, Smienk, Ter Avest, allemaal zijn ze zelf verkeerskundige. “Samen met 17 miljoen Nederlanders”, grapt Wegh. Het is een van die onderwerpen waar iedereen een mening over heeft. Maar dat maakt je nog geen deskundige. Een hbo-opleiding verkeerskunde duurt vier jaar. Welke basis kun je leggen in drie maanden? Ter Avest: “Smart mobility is relatief nieuw en omvat veel. Slim, groen, duurzaam. Je kunt mensen klaarstomen tot het niveau dat ze de belangrijkste beginselen kennen. Waar het gaat om het ontwikkelen van een visie, bijvoorbeeld in gemeenten, zijn deze mensen, na afloop van het traject, op hun plek.”

‘Dit traject paste helemaal in mijn straatje’

Martijn van der Sluijs (49) studeerde Heao Management Economie en Recht, werkte tien jaar als financieel planner bij een bank en nog eens tien jaar als coördinator voor een bureau sociaal raadslieden. Hoewel hij zijn werk met veel plezier doet, zoekt hij een nieuwe uitdaging. “Tijdens een wandeltocht naar Santiago de Compostella bedacht ik dat mobiliteit en duurzaamheid weleens hét onderwerp van de komende tien jaar zou kunnen worden. Daar wilde ik graag in aan de slag.” Maar hoe pak je dat aan als je daarin geen ervaring hebt? Zijn contactpersoon bij UWV kwam met de flyer over Smart Mobility. Precies wat hij zocht.
Hij kwam door de sollicitatie en selectieprocedure. “De eerste maanden waren intensief. Maar de teamgeest was fantastisch. Al binnen twee weken was het een hecht team.” En al snel konden ze ook behoorlijk meepraten over smart mobility. In de aanloop naar de stage was er een bedrijvendag waar iedereen een pitch kon doen. Zo kwam hij terecht bij Goudappel. Richard ter Avest heeft hem begeleid.
“Samen met hem ben ik op zoek gegaan naar het raakvlak tussen mijn oude werkveld, het sociale domein en mobiliteit. In mijn vorige werk had ik ook te maken met schuldhulpverlening en daar sprak ik regelmatig mensen die wel een auto hadden maar geen geld meer voor brood. Als je ze de keuze voorlegde, een brood of een liter benzine, dan kozen mensen toch regelmatig voor de liter benzine. Dat geeft aan hoezeer mobiliteit een basisbehoefte is. Wat kunnen we daarvoor verzinnen?”
Na zijn tijd bij Goudappel heeft hij veel genetwerkt. Hij kwam in contact met Jan Peter Balkenende, raakte zo betrokken bij de New Mobility Foundation, een organisatie die zich richt op de sociale kant van mobiliteit, en publiceerde een artikel in een vaktijdschrift. Sinds kort werkt Van der Sluijs bij de gemeente Ermelo als beleidsmedewerker mobiliteit. “Ik ben benieuwd met welke vraagstukken ik aan de slag kan. Ik heb me al verdiept in de lokale situatie en weet een beetje wat er speelt.”

 

‘Een branche in transitie vind ik interessant’

Dana Zijlmans (42) studeerde bouwkunde/architectuur. Na jarenlang gespecialiseerd te zijn geweest in (het veilig onderhouden van) vastgoed wilde ze zich breder oriënteren. Ook zij kreeg in een gesprek bij UWV de flyer onder ogen. “Ik zag het traject als een kans om in een branche te stappen die heel erg in transitie is en dat vond ik erg interessant. Er werd in dat werkveld echt een verbindende rol gezocht. En dat lag mij wel. Ook in mijn vorige werk maakte ik vanuit de technische kant de vertaalslag naar gebruikers en opdrachtgevers. Het sloot aan bij wat ik gedaan heb maar ook bij wat ik van nature leuk vind om te doen. Je kunt heel veel mooie dingen bedenken maar als je dat niet omarmd krijgt en mensen zien er niets in dan gebeurt er niets.”
Met name de competentietrainingen in de eerste maand vindt Zijlmans nog steeds ontzettend waardevol. “Voor je persoonlijke ontwikkeling bracht het heel erg veel, maar de trainingen maakte ook de groep heel hecht. Iedereen bruiste van energie.” Na drie maanden voelde het wel ‘vrij pril’ om aan de stage te beginnen. Maar het traject had haar in zo’n positie gebracht dat ze voldoende zelfvertrouwen had en wist waar haar vaardigheden en competenties lagen. “In deze fase van mobiliteit zijn juist die competenties heel erg nodig. Ik denk dat de kracht van het programma is dat het zich heel erg richt op de ontwikkelingen van dit moment en dat belangrijke partijen uit die wereld ook les gaven, waardoor je wel meteen bij bent en weet wat de issues zijn.”
In januari 2020 startte ze in haar werkervaringsplek bij de afdeling leefomgeving en mobiliteit van de gemeente Zwolle en sinds 1 april is ze er in dienst. “Ik ben tijdens mijn stage eigenlijk meteen al gestart met het actieplan ‘Zwolle Wereldfietsstad’. Ik werd overal heel actief bij betrokken zodat ik in die drie maanden heel veel informatie kreeg en zo ook meteen een heel goed beeld kreeg van wat er allemaal binnen de gemeente op mobiliteitsvlak speelt. Dat was echt heel waardevol.”
Tekst: Menno Kouveld https://kouveldblijft.nl/
Foto’s: Gerlinde Schrijver http://gerlindeschrijver.nl/
Deel dit via:

Contact

Heeft u hulp nodig?
Neem contact met ons op:

038 7001205 stuur een email

Social media

Twitter LinkedIn